![]() |
||
|
| ||
Historie
De Beurs van Berlage is al honderd jaar niet weg te denken uit de Amsterdamse binnenstad. Toch zat er bijna twintig jaar tussen de ontwerpwedstrijd van de Amsterdamse gemeenteraad, en de opening door Koningin Wilhelmina in 1903. Dat het zo lang duurde voor het gebouw tot stand kwam, lag vooral aan allerlei politiek gesteggel. Men was het nergens over eens, behalve dát er iets moest gebeuren. De beurs van J.D. Zocher zag eruit als een Griekse tempel, was open en dus koud. In 1884 schreef de gemeenteraad een ontwerpwedstrijd uit voor een nieuw beurs. Hendrik Petrus Berlage was een van de inschrijvers. Geen van de ontwerpen werd het beste bevonden, maar vijf inzendingen, waaronder die van Berlage, mochten worden herzien. Tevergeefs: men kwam er niet uit, en zag van uitvoering af. In plaats van nieuwbouw werd gekozen voor verbouw. Ook dat bleek de oplossing niet te zijn. De verbouwplannen werden weer ingewisseld voor nieuwbouw. Wethouder Publieke Werken Treub gunde alsnog Berlage de opdracht. In de jaren 1898 tot 1903 werd zijn Koopmansbeurs gebouwd, een Gesamtkunstwerk van architect, dichter, beeldend kunstenaars, en ingenieurs. De beurs werd op 27 mei 1903 officieel geopend door Koningin Wilhelmina. Berlages Beurs was van een andere orde dan men gewend was. In Berlages tijd werd van een beursgebouw verwacht dat het imponeerde, en versierd was met rijke opsmuk. Deze beurs had dat allemaal niet. De versieringen díe er waren, hadden een bijna socialistisch karakter, en het gebouw zelf was sober en rustig. De Amsterdammers wisten dan ook niet of ze blij moesten zijn met het gebouw; de Beurs werd tegelijk een lodderogige megalosaurus en rustiek van bouw, nobel van massa genoemd. Ook om andere dan esthetische redenen werd er aanvankelijk getwijfeld. De Beurs bleek al snel te klein te zijn, en begon bovendien te verzakken. In 1960 werd de Beurs om die reden nog bijna afgebroken. Dat laatste zou nu geen mens meer in zijn hoofd halen. Terecht is de Beurs uitgeroepen tot Nederlands beroemdste 20ste-eeuwse architectuurmonument. Het gebouw, waar kort geleden nog ruim 700 nieuwe palen onder zijn geplaatst, is tegenwoordig een cultuurpaleis van de eerste orde waar het bruist van de lezingen, congressen, workshops, vergaderingen, concerten en tentoonstellingen. |
||

